Supersnelrecht Oud en Nieuw nauwelijks toegepast

Het supersnelrecht is dit jaar rond de jaarwisseling slechts in één zaak toegepast. Dat was de afgelopen twee jaar ook al zo, blijkt uit cijfers van de Volkskrant. Hoewel er elk jaar honderden mensen in de nieuwjaarsnacht worden aangehouden, blijken die zaken niet geschikt om via supersnelrecht af te handelen.

Afgelopen Oud en Nieuw pakte de politie 328 mensen op. In een supersnelrechtzitting kreeg een man die agenten had beledigd een boete van duizend euro opgelegd. De overige zaken moeten nog worden afgehandeld.

Alleen eenvoudige zaken komen in aanmerking voor supersnelrecht, zoals openbare geweldpleging, geweld tegen hulpverleners of brandstichting. Zaken komen dan binnen drie tot zes dagen voor de rechter. Een verdachte moet wel willen meewerken aan het supersnelrecht. Wil hij of zij dat niet, dan wordt de zaak door een gewone rechter behandeld.

Vorig jaar en in 2017 was er ook maar één supersnelrechtzaak; in 2011 waren dat er nog 23. Daarna nam het aantal elk jaar af. Het supersnelrecht werd in 2008 voor het eerst gebruikt om geweld tegen agenten en hulpverleners zo snel mogelijk te kunnen bestraffen.